|
Geschreven door Jos Schouwenaar
|
|
zaterdag 17 februari 2007 23:55 |
|
Het
initiatief voor verbetering van de leefbaarheid in een dorp, moet
vooral van de dorpsbewoners zelf komen. Niet altijd lukt het om de
gemeente financieel mee te laten doen. De Partij voor het Noorden
heeft onderzocht hoe provincies bij kunnen dragen aan creatieve
wijzen van financiering van projecten.
Veel
lokale initiatiefnemers hebben te kampen met het gegeven dat
provincies en gemeenten alleen gezamenlijk financieel bij kunnen
dragen aan de realisering van projecten. Dit is de zogenaamde 50%-50%
regeling: provincies kunnen subsidies uit Europese fondsen alleen
inzetten wanneer gemeenten ook een financiële bijdrage leveren
aan de te realiseren projecten. Vanwege een verslechterende
financiële situatie van veel gemeenten in Nederland, zijn
gemeenten vaak huiverig om hun aandeel toe te zeggen. Lokale
initiatieven stranden dan, ondanks dat provinciale subsidie
beschikbaar is. Deze 50%-50% regeling zou bij voorkeur flexibel
opgevat moeten worden. De gemeente kan bijvoorbeeld haar 50% leveren
in expertise en mankracht. Lokale initiatiefnemers hebben daarmee ook
meer begeleiding bij het doorlopen van het traject van plan naar
realisatie. Vooral wanneer er gewerkt wordt aan de verbetering van de
informatie-infrastructuur kan inzetten van mankracht, kennis en
expertise al voldoende zijn om de locale initiatiefnemers te helpen
bij de realisatie van projecten. Gemeenten leveren dan daadkracht en
lokale kennis en de provincie kan helpen bij het vinden en toewijzen
van subsidies.
De
subsidie zorgt ervoor dat in de kleine kernen multifunctionele centra
met een gezonde exploitatie potentie gevestigd worden, die zonder
deze financiële boost van de overheid niet van de grond
hadden kunnen komen.
|
|
Laatst aangepast op maandag 10 september 2007 17:21 |