Deze website maakt gebruik van cookies. Door uw bezoek gaat u akkoord met het plaatsen van deze cookies.
Uitleg over cookies, met een link naar de pagina met privacy beleid Meer informatie Sluiten

Onafhankelijke SenaatsFractie

De OSF is een platform van onafhankelijke provinciale partijen

Kernwaarden: kleinschaligheid en de menselijke maat.
De politiek bestaat om de burger te dienen en niet andersom.

Statuten

81888/kb

Heden, vijf en twintig januari tweeduizend dertien,
verscheen voor mij, mr. Nicolaas Willibrordus Beijaard, notaris, gevestigd en kantoorhoudende te Sint Nicolaasga (gemeente Skarsterlân):
de heer Jacob VAN DER BIJ, wonende te 8624 TS Uitwellingerga, Lytse Súdein 55, geboren te Beetgumermolen (gemeente Menaldumadeel) op drie maart negentienhonderd eenenveertig, gehuwd, zich legitimerende met een rijbewijs, nummer: 4225949010, geldig tot elf januari tweeduizend achttien,
te dezen handelend in zijn hoedanigheid van voorzitter van de vereniging: Onafhankelijke Senaats Fractie (OSF), statutair gevestigd te Leende, gemeente Heeze-Leende, feitelijk gevestigd te 9321 HS Peize, De Vennen 27, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel voor Brabant onder nummer 17112619, hierna ook te noemen: "de vereniging", en in die hoedanigheid bevoegd op grond van artikel 18 van de statuten van de vereniging om de statutenwijziging bij notariële akte vast te leggen.

Inleiding

De verschenen persoon verklaarde:

  • de vereniging werd opgericht bij notariële akte verleden op twee en twintig maart negentien honderd negen en negentig voor Mr. G.M.T. de Cock, destijds notaris te Valkenswaard;
  • de statuten van de vereniging zijn daarna één maal gewijzigd, bij akte op vijf september tweeduizend zeven verleden voor notaris mr. A.G.C. de Fretes-van Liere te Goes;
  • de algemene vergadering van de vereniging heeft in de vergadering gehouden op vijftien december tweeduizend twaalf besloten de statuten van de vereniging te wijzigen; van dit besluit blijkt uit een aan deze akte gehecht exemplaar van de notulen van deze vergadering.

Statutenwijziging

De verschenen persoon verklaarde ter uitvoering van het besluit tot statutenwijziging dat de gewijzigde statuten met onmiddellijke ingang na het verlijden van deze akte luiden als volgt:

Statuten

NAAM
Artikel 1.
De vereniging draagt de naam:
ONAFHANKELIJKE SENAATS FRACTIE (OSF),
hierna ook te noemen OSF.

Zetel en duur
Artikel 2.
Zij heeft haar zetel te Peize, gemeente Noordenveld en is aangegaan voor onbepaalde tijd.

Doel
Artikel 3.
De vereniging heeft tot doel:

  1. de taak in de Eerste Kamer op een onafhankelijke wijze te doen vervullen en te ondersteunen;
  2. het scheppen van betere voorwaarden voor het functioneren van Provinciale Politieke Groeperingen (hierna ook te noemen: PPG);
  3. het doen uitvoeren van politiek wetenschappelijk onderzoek.
  4. democratisering van de politieke cultuur en structuur, het uitdragen van de gedachte dat het besturen van gemeenten en provincies geschiedt door onafhankelijke lokale groeperingen.
Leden
Artikel 4
  1. Behoudens het hierna in lid 2. bepaalde kunnen die Provinciale Politieke Groeperingen (PPG) lid zijn, welke voldoen aan de volgende vereisten:
    1. de groepering moet een zuiver democratisch gehalte hebben en dit uitdragen naar letter en geest;
    2. de groepering moet een vereniging zijn met volledige rechtsbevoegdheid;
    3. de groepering moet artikel 3. lid d, onderschrijven.
    Een PPG die lid is van de OSF wordt hierna in deze statuten aangeduid als "lid-PPG" (meervoudig als "leden-PPG").
  2. Als leden van de OSF worden tevens aangemerkt de leden van een lid-PPG en de leden van een lokale politieke partij, die lid is van een lid-PPG, een en ander mits deze leden er mee hebben ingestemd dat zij tevens als lid van de OSF worden aangemerkt. Deze leden worden hierna in deze statuten aangeduid als "overig lid" (meervoudig als "overige leden"). De statuten van een lid-PPG en van een lokale politieke partij, die lid is van een lid-PPG, dienen te voorzien in een regeling, waardoor gewaarborgd is dat de overige leden er van kennis dragen dat zij, door het lidmaatschap van het lid-PPG of van de lokale politieke partij die lid is van een lid-PPG, tevens lid zijn van de OSF en dat op grond van die regeling hun instemming kan worden aangenomen.
  3. Het bestuur van een lid-PPG houdt een register, waarin de namen en adressen van al haar leden zijn opgenomen, stelt het register desverzocht ter inzage van het bestuur van de OSF en geeft mutaties in het ledenbestand door aan het bestuur van de OSF.
  4. De leden-PPG en de overige, in lid 2 bedoelde leden, worden hierna in deze statuten tezamen aangeduid als "leden" (enkelvoudig als "lid").
  5. In beginsel kan per provincie slechts één PPG als lid-PPG worden toegelaten. De ledenraad kan hierop echter uitzondering maken ingeval de omstandigheden dit naar haar oordeel wenselijk maken.
Artikel 5
  1. Een verzoek tot het lidmaatschap van de OSF als lid-PPG dient te worden gericht aan het bestuur van de OSF. Het bestuur geleidt dit verzoek door, eventueel vergezeld van een bestuursadvies, aan de ledenraad. Het verzoek dient te worden geagendeerd op de eerstvolgende ledenraad.
  2. In alle gevallen wordt over toetreding, schorsing, royeren en uitsluiting als lid-PPG uitsluitend besloten door de ledenraad.
  3. Door fusie van een lid-PPG, gaat het lidmaatschap van de OSF over op de verkrijgende rechtspersoon, mits de ledenraad tot toelating als lid-PPG van die verkrijgende rechtspersoon positief heeft besloten.
Einde van het lidmaatschap van de OSF
Artikel 6.
  1. Het lidmaatschap van een lid-PPG eindigt:
    1. door opzegging van het lid-PPG;
    2. door opzegging van het lidmaatschap namens de OSF. Opzegging kan geschieden wanneer het lid-PPG zijn verplichtingen jegens de vereniging niet nakomt, alsook wanneer redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren; van dit laatste is in ieder geval sprake indien:
      1. voor de provincie waarvoor het lid-PPG is toegelaten als lid tevens een andere PPG als lid-PPG wordt toegelaten en de ledenraad besluit dat het lidmaatschap van het lid-PPG niet langer gewenst is;
      2. het lid-PPG niet heeft deelgenomen aan de laatst gehouden verkiezingen voor Provinciale Staten en/of niet deelneemt aan de eerstvolgende te houden verkiezingen voor Provinciale Staten en/of geen (voldoende) activiteiten meer ontplooit die als een bijdrage tot de vervulling van de doelstelling van de OSF kunnen worden aangemerkt, een en ander ter uitsluitende beoordeling van de ledenraad;
      3. de statenleden van een lid-PPG niet op een kandidaat van de OSF-lijst voor de verkiezingen voor de Eerste Kamer hebben gestemd (tenzij op een andere partij is gestemd op verzoek van- of met instemming van het bestuur van de OSF);
    3. door ontzetting. Ontzetting kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid-PPG in strijd met de statuten, reglementen of besluiten der vereniging handelt of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt.
    4. door ontbinding van het betreffende lid-PPG (dus de betreffende vereniging).
  2. Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door het bestuur.
  3. Opzegging namens de vereniging geschiedt door het bestuur.
  4. Opzegging van het lidmaatschap door het lid-PPG of door de vereniging kan slechts geschieden tegen het einde van een verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken. In ieder geval kan het lidmaatschap onmiddellijk worden beëindigd indien van de vereniging of van het lid-PPG redelijkerwijs niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren.
  5. Een opzegging in strijd met het bepaalde in het vorige lid, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip volgende op de datum waartegen was opgezegd.
  6. Een lid-PPG is niet bevoegd tot opzegging van zijn lidmaatschap voor het geval van wijziging van geldelijke rechten en verplichtingen.
  7. Een lid-PPG kan zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang opzeggen binnen een maand nadat een besluit waarbij anderszins zijn rechten zijn beperkt of zijn verplichtingen verzwaard, hem is bekend geworden of medegedeeld; het besluit is alsdan niet op hem van toepassing. Een lid-PPG kan zijn lidmaatschap ook met onmiddellijke ingang opzeggen binnen een maand nadat hem een besluit is meegedeeld tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie.
  8. Van een besluit tot opzegging van het lidmaatschap door de vereniging op grond dat redelijkerwijs van de vereniging niet gevergd kan worden het lidmaatschap te laten voortduren en van een besluit tot ontzetting uit het lidmaatschap staat het betrokken lid-PPG binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving van het besluit beroep open op de ledenraad. Hij wordt daartoe ten spoedigste schriftelijk van het besluit met opgave van redenen in kennis gesteld. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid-PPG geschorst.
  9. Het lidmaatschap van een overig lid eindigt:
    1. door de dood van het overig lid;
    2. door het eindigen van het lidmaatschap van het overig lid van een lid-PPG of door het eindigen van het lidmaatschap van het overig lid van een lokale politieke partij, die lid is van een lid-PPG;
    3. door het eindigen van het lidmaatschap van de OSF van een lid-PPG, waarvan het betrokken overig lid het lidmaatschap heeft
Jaarlijkse bijdragen en boeten/verplichtingen
Artikel 7.
  1. Een lid-PPG is gehouden tot het betalen aan de OSF van een jaarlijkse bijdrage, die door de ledenraad wordt vastgesteld.
  2. De ledenraad is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van een bijdrage te verlenen.
  3. De overige leden zijn vrijgesteld van het betalen van jaarlijkse bijdrage (contributie) aan de OSF.
  4. De ledenraad is bevoegd op het handelen in strijd met de besluiten van de vereniging een boete te stellen. Bij het nemen van elk besluit dat de leden-PPG bindt aan enigerlei verplichting jegens de vereniging en de andere leden-PPG, stelt de ledenraad tevens de hoogte van de boete vast. Indien door de overtreding aantoonbaar schade is berokkend aan de vereniging of haar leden-PPG, is het lid-PPG gehouden deze schade te vergoeden.
Bestuur
Artikel 8.
  1. Het bestuur bestaat uit een door de ledenraad te bepalen aantal personen.
    Tot bestuurders kunnen slechts natuurlijke personen worden benoemd.
    De bestuurders worden door de ledenraad benoemd.
    De voorzitter van het bestuur wordt door de ledenraad in functie benoemd.
  2. Het bestuur wijst uit zijn midden een secretaris en een penningmeester aan.
    De voorzitter, secretaris en penningmeester vormen tezamen het dagelijks bestuur.
  3. De benoeming van bestuursleden geschiedt uit een of meer voordrachten. Tot het opmaken van zulk een voordracht zijn bevoegd zowel het bestuur als vijf of meer leden-PPG. De voordracht van het bestuur wordt bij de oproeping voor de vergadering meegedeeld. Een voordracht door vijf of meer leden-PPG moet voor de aanvang van de vergadering schriftelijk bij het bestuur worden ingediend.
  4. Is geen voordracht opgemaakt dan is de ledenraad vrij in de keus.
  5. Indien er meer dan een voordracht is, geschiedt de benoeming uit die voordrachten.
Einde bestuurslidmaatschap - periodiek lidmaatschap - schorsing
Artikel 9.
  1. Elk bestuurslid, ook wanneer hij voor een bepaalde tijd is benoemd, kan te allen tijde door de ledenraad worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
  2. Elk bestuurslid treedt uiterlijk vier jaar na zijn benoeming af, met dien verstande dat het bestuur als geheel aftreedt uiterlijk drie maanden nadat de verkiezingen voor de Eerste Kamer zijn gehouden, zodat een nieuw bestuur kan worden benoemd door de ledenraad.
  3. Het bestuurslidmaatschap eindigt voorts door:
    1. overlijden;
    2. bedanken.
Besluitvorming van het bestuur
Artikel 10.
  1. De bestuursvergaderingen worden geleid door de voorzitter of, bij diens afwezigheid en tenzij het huishoudelijk reglement van de vereniging daarin anders voorziet, door het oudste aanwezige bestuurslid.
  2. Het oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
    Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt.
    Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  3. Bij huishoudelijk reglement kunnen nadere regelen aangaande de vergaderingen van en de besluitvorming door het bestuur worden gegeven.
  4. Van het in de vergadering verhandelde worden notulen gehouden door de secretaris of door een door de voorzitter aangewezen persoon.
    Deze notulen worden in de zelfde of in de eerstvolgende bestuursvergadering vastgesteld en ten blijke daarvan door de voorzitter en de notulist ondertekend.
Bestuurstaak - vertegenwoordiging
Artikel 11.
  1. Behoudens de beperkingen volgens de statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging.
  2. Indien het aantal bestuursleden beneden het door de ledenraad vastgestelde aantal is gedaald, blijft het bestuur bevoegd. Het is echter verplicht zo spoedig mogelijk een ledenraad bijeen te roepen waarin de voorziening in de open plaats of plaatsen aan de orde komt.
  3. Het bestuur is bevoegd onder zijn verantwoordelijkheid bepaalde onderdelen van zijn taak te doen uitvoeren door commissies die door het bestuur worden benoemd.
  4. Het bestuur is, mits met goedkeuring van de ledenraad, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt. Deze beperking geldt mede voor de bevoegdheid tot vertegenwoordiging van de vereniging terzake van deze handelingen.
  5. Het bestuur behoeft eveneens goedkeuring van de ledenraad voor besluiten tot:
      1. het huren, verhuren en op andere wijze in gebruik of genot verkrijgen en geven van registergoederen;
      2. het aangaan van overeenkomsten, waarbij aan de vereniging een bankkrediet wordt verleend;
      3. het ter leen verstrekken van gelden, alsmede het ter leen opnemen van gelden, waaronder niet is begrepen het gebruikmaken van een aan de vereniging verleend bankkrediet;
      4. het aangaan van vaststellingsovereenkomsten;
      5. het optreden in rechte, waaronder begrepen het voeren van arbitrale procedures, doch met uitzondering van het nemen van conservatoire maatregelen en van het nemen van die rechtsmaatregelen, die geen uitstel kunnen lijden.
    1. Het aangaan van andere rechtshandelingen een door de ledenraad vast te stellen bedrag of waarde te boven gaande. Op het ontbreken van deze goedkeuring kan door en tegen derden geen beroep worden gedaan.

  6. De vereniging wordt vertegenwoordigd door:
    1. het bestuur; alsmede door:
    2. de voorzitter tezamen met de secretaris of de penningmeester, dan wel de secretaris en de penningmeester tezamen;
    3. het bestuur kan volmacht verlenen aan een of meer bestuursleden of aan andere personen om de vereniging binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen.
Jaarverslag/vermogen/staat van baten en lasten
Artikel 12.
  1. Het verenigingsjaar loopt van één januari tot en met eenendertig december.
  2. Het tot verwezenlijking van het doel der vereniging bestemde vermogen wordt gevormd door:
    1. bijdragen van de leden-PPG;
    2. subsidies, gif ten en donaties;
    3. hetgeen verkregen wordt door erfstellingen en legaten;
    4. hetgeen op andere wijze verkregen wordt.
    Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging zodanige aantekeningen te houden, dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kunnen worden gekend.
    1. Voorafgaand aan het nieuwe verenigingsjaar legt het bestuur ter goedkeuring een begroting voor het komende verenigingsjaar ter goedkeuring voor aan de ledenraad.
    2. Het bestuur brengt op een ledenraad binnen zes maanden na af loop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de ledenraad, zijn jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid.
      Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter goedkeuring aan de ledenraad over. Deze stukken worden ondertekend door alle bestuurders. Ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt.
      Na verloop van de termijn kan ieder lid-PPG van de vereniging in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
  3. Tenzij omtrent de getrouwheid van de balans en de staat van baten en lasten met toelichting door een accountant als bedoeld in artikel 2:393 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek een verklaring wordt afgelegd en aan de ledenraad overgelegd, benoemt de ledenraad jaarlijks uit de leden-PPG een commissie van ten minste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de stukken bedoeld in lid 3 en brengt aan de ledenraad verslag van haar bevindingen uit.
  4. Vereist het onderzoek van bovengemelde stukken bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de commissie van onderzoek zich door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht de commissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden der vereniging te geven.
  5. De opdracht van de commissie kan te allen tijde door de ledenraad worden herroepen, doch slechts door de benoeming van een andere commissie.
  6. Het bestuur is verplicht de bescheiden bedoeld in dit artikel gedurende de daarvoor wettelijk voorgeschreven termijn te bewaren.
Ledenraad
Artikel 13.
    1. Aan de ledenraad komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan het bestuur zijn opgedragen.
    2. De ledenraad bestaat uit zoveel afgevaardigden als er leden-PPG zijn. Ieder lid-PPG heeft het recht op één afgevaardigde in de ledenraad. Een afgevaardigde van een lid-PPG kan, doch behoeft niet lid te zijn van het bestuur van dat lid-PPG. Ieder lid-PPG voorziet zelf in de benoeming van de afgevaardigde en de procedure daarvoor en betrekt in die benoeming zo veel mogelijk haar leden, indachtig het bepaalde in artikel 3 sub d. van deze statuten, in die zin dat door de leden van het lid-PPG middellijk of onmiddellijk aan de verkiezing van de afgevaardigde kan worden deelgenomen.
      Bij de benoeming van een afgevaardigde wordt tevens een plaatsvervangend afgevaardigde benoemd.
      Het bestuur van een lid-PPG deelt aan het bestuur van de OSF mee de namen en adressen van haar afgevaardigde en plaatsvervangend afgevaardigde, alsmede voor welke termijn de betreffende (plaatsvervangend) afgevaardigde als zodanig is benoemd, alsmede elke mutatie in de persoon van de (plaatsvervangend) afgevaardigde.
      Het bestuur van de OSF houdt een register bij, waarin de gegevens van de (plaatsvervangend) afgevaardigden worden opgenomen en verstrekt een lid-PPG desverzocht inzage in dat register.
  1. Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een ledenraad - de jaarvergadering - gehouden. In de jaarvergadering komen onder meer aan de orde:
    1. het jaarverslag, de balans en de staat van baten en lasten bedoeld in artikel 12, met het verslag van de aldaar bedoelde commissie dan wel de aldaar bedoelde accountantsverklaring;
    2. de benoeming van de in artikel 12 bedoelde accountant dan wel de genoemde commissie voor het volgende verenigingsjaar;
    3. voorziening in eventuele vacatures;
    4. voorstellen van het bestuur of de leden, aangekondigd bij de oproeping voor de vergadering.
  2. Andere ledenraden worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
  3. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste twee ledenraad-afgevaardigden, die samen ten minste tien procent (10%) van de stempunten vertegenwoordigen verplicht tot het bijeenroepen van een ledenraad op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan door oproeping overeenkomstig artikel 18. De verzoekers kunnen alsdan anderen dan bestuursleden belasten met de leiding der vergadering en het opstellen der notulen.
Toegang en stemrecht
Artikel 14.
  1. Toegang tot de ledenraad hebben de afgevaardigden en de leden van het bestuur van de OSF.
    Geen toegang hebben geschorste leden-PPG en geschorste bestuursleden, tenzij het betreft de vergadering waarin de schorsing van het betreffende lid-PPG of van de betreffende persoon aan de orde wordt gesteld.
  2. Over de toelating van andere dan de in lid 1 bedoelde personen beslist de voorzitter van de ledenraad. Dit kan ook betreffen afgevaardigden van een PPG welke overweegt om het lidmaatschap van de OSF aan te vragen.
  3. De afgevaardigden zijn verplicht zich voor die ledenraad aan te melden door het plaatsen van een handtekening op de presentielijst.
  4. Ieder niet-geschorst lid-PPG heeft een gewogen stem. De weging van een stem geschiedt als volgt:
    • ieder lid-PPG heeft vijftig basis-stempunten;
    • het aantal basis-stempunten wordt vermeerderd met het aantal stempunten, dat gelijk is aan de stemwaarden, die behoren bij de aan een lid-PPG verbonden statenleden (leden van Provinciale Staten), die op een kandidaat van de OSF-lijst voor de verkiezingen voor de Eerste Kamer hebben gestemd bij de laatst gehouden verkiezingen voor de Eerste Kamer (of toen op een andere partij hebben gestemd, indien dit is geschied op verzoek of met instemming van het bestuur van de OSF); de stemwaarden per statenlid per provincie worden bekend gemaakt door de Kiesraad en staan gepubliceerd in de Staatscourant;
    • de basis-stempunten en de extra stempunten als hiervoor bedoeld leiden, bij elkaar geteld, tot een totaal aantal stempunten per lid-PPG; dit totaal aantal stempunten wordt in deze statuten aangeduid als "stempunten";
    • het bestuur van de OSF houdt een register, waarin staat opgenomen hoeveel stempunten behoren bij een lid-PPG en stelt dit register ter beschikking van de ledenraad.
  5. Een afgevaardigde brengt zijn stem uit zonder last en ruggespraak.
  6. Leden van het bestuur van de OSF hebben in de ledenraad een raadgevende stem, tenzij een bestuurslid tevens afgevaardigde is van een lid-PPG.
  7. De namen van de afgevaardigden en hun plaatsvervangers worden veertien dagen vóór de datum van de ledenraad in beginsel door de besturen van de leden-PPG schriftelijk aan het secretariaat van de vereniging opgegeven.
  8. Een afgevaardigde kan zijn stem door een schriftelijk daartoe gemachtigd andere afgevaardigde uitbrengen. Niemand kan als vertegenwoordiger van meer dan één afgevaardigde optreden.
Voorzitterschap - notulen
Artikel 15.
  1. De vergaderingen van de ledenraad worden geleid door de voorzitter van de vereniging of zijn plaatsvervanger. Ontbreken de voorzitter en zijn plaatsvervanger, dan voorziet de vergadering daarin zelve.
  2. Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris, of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon, notulen gemaakt. Deze notulen worden in de zelfde of in de eerstvolgende ledenraadsvergadering door de ledenraad vastgesteld en ten blijke daarvan door de voorzitter en de notulist ondertekend.
Besluitvorming van de ledenraad
Artikel 16.
  1. Het in de ledenraad uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit voorzover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
  2. Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van het oordeel van de voorzitter de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  3. Voor zover de statuten of de wet niet anders bepalen, worden alle besluiten van de ledenraad genomen met een volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen, gerekend naar het aantal stempunten.
  4. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.
  5. Indien bij een verkiezing tussen meer dan twee personen door niemand een volstrekte meerderheid is verkregen, wordt herstemd tussen de twee personen, op wie het grootste aantal stemmen werd uitgebracht, zo nodig na tussenstemming. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.
  6. Indien de stemmen staken over een voorstel niet betreffende verkiezing van personen, dan is het verworpen.
  7. Alle stemmingen geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of een der stemgerechtigden zulks voor de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende, gesloten briefjes. Besluitvorming bij acclamatie is mogelijk, tenzij een stemgerechtigde hoofdelijke stemming verlangt.
  8. Een eenstemmig besluit van alle afgevaardigden, ook al zijn dezen niet in een ledenraad bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de ledenraad.
  9. Zolang in een ledenraad alle afgevaardigden aanwezig of vertegenwoordigd zijn, kunnen geldige besluiten worden genomen, mits met algemene stemmen, omtrent alle aan de orde komende onderwerpen - dus mede een voorstel tot statutenwijziging of tot ontbinding - ook al heeft geen oproeping plaatsgehad of is deze niet op de voorgeschreven wijze geschied of is enig ander voorschrift omtrent het oproepen en houden van ledenraden of een daarmee verband houdende formaliteit niet in acht genomen.
Bijeenroeping ledenraad
Artikel 17.
  1. De ledenraden worden, onverminderd het bepaalde in artikel 13 lid 4, bijeengeroepen door het bestuur van de vereniging.
    Bij de oproeping voor de vergaderingen moeten de te behandelen onderwerpen worden vermeld.
  2. De oproeping voor de vergaderingen moet de leden-PPG ten minste veertien dagen tevoren schriftelijk worden toegezonden.
Statutenwijziging / fusie
Artikel 18.
  1. In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden gebracht dan door een besluit van een ledenraad, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten wordt voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een zodanige vergadering bedraagt ten minste zeven dagen.
  2. Zij die de oproeping tot de ledenraad ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden-PPG ter inzage leggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.
    Bovendien wordt een afschrift als hiervoor bedoeld, aan alle leden-PPG toegezonden.
  3. Een besluit tot statutenwijziging behoeft ten minste een volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen, gerekend naar het aantal stempunten, in een vergadering waarin ten minste aanwezig of vertegenwoordigd zijn zodanig aantal afgevaardigden als overeenkomt met ten minste vijftig procent van het totaal aantal stempunten.
    Is niet voldaan aan deze laatstgemelde voorwaarde, dan wordt binnen vier weken daarna een tweede vergadering van de ledenraad bijeengeroepen en gehouden, waarin over het voorstel zoals dat in de vorige vergadering aan de orde is geweest, ongeacht het aantal tegenwoordige of vertegenwoordigde leden of stempunten, kan worden besloten bij volstrekte meerderheid van de uitgebrachte stemmen, gerekend naar het aantal stempunten.
  4. Een statutenwijziging treedt niet in werking dan nadat hiervan een notariële akte is opgemaakt. Tot het doen verlijden van de akte is ieder bestuurslid bevoegd.
  5. Het bepaalde in de bovenstaande leden van dit artikel is mutatis mutandis van toepassing op een besluit tot fusie.
Ontbinding en vereffening
Artikel 19.
  1. De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de ledenraad. Het bepaalde in de leden 1, 2 en 3 van het voorgaande artikel is van overeenkomstige toepassing.
  2. Het batig saldo na vereffening vervalt aan degenen die ten tijde van het besluit tot ontbinding leden-PPG waren, zulks naar rato van ten tijde van het besluit tot ontbinding geldende aantal stempunten. Bij het besluit tot ontbinding kan echter ook een andere bestemming aan het batig saldo worden gegeven. 3. De vereffening geschiedt door het bestuur.
  3. Na de ontbinding blijft de vereniging voortbestaan voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van de statuten voor zoveel mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van de vereniging uitgaan, moeten aan haar naam worden toegevoegd de woorden “in liquidatie”.
  4. De vereniging houdt op te bestaan op het tijdstip waarop geen aan haar, dan wel aan de vereffenaars bekende baten meer aanwezig zijn. De vereffenaars doen van het ophouden te bestaan van de vereniging opgave aan de registers waar de vereniging is ingeschreven.
  5. De boeken en bescheiden van de ontbonden vereniging moeten worden bewaard gedurende de wettelijk voorgeschreven termijn na af loop der vereffening. Bewaarder is degene die door de vereffenaars als zodanig wordt aangewezen. Binnen acht dagen na het ingaan van zijn bewaarplicht moet de bewaarder zijn naam en adres opgeven aan de registers waarin de vereniging was ingeschreven.
Huishoudelijk reglement
Artikel 20.
  1. De ledenraad kan een huishoudelijk reglement, waarin onderwerpen worden geregeld waarin deze statuten niet of niet volledig voorzien, vaststellen en wijzigen.
  2. Het huishoudelijk reglement mag niet in strijd zijn met de wet noch met de statuten.
  3. Op de besluiten tot vaststelling en tot wijziging van een reglement is het bepaalde omtrent besluiten tot statutenwijziging van overeenkomstige toepassing.
Commissies
Artikel 21.
  1. De ledenraad kan permanente en tijdelijke commissies voor een bepaald doel instellen.
  2. De ledenraad kan voor elke door haar benoemde commissie een reglement vaststellen, waarin de taakomschrijving en werkwijze zijn geregeld.
  3. De commissies brengen jaarlijks in de eerstvolgende ledenraad bij monde van een harer leden, verslag uit van de verrichte werkzaamheden.

Slotartikel
Artikel 22
Het bestuur van de OSF beslist in geschillen voortvloeiend uit de toepassing van deze statuten en het huishoudelijk reglement.