logoosftoplsocial

osfyoutube

locomotie45-160

vrijdag, 28 oktober 2011 13:38

Geschiedenis

Bij de behandeling van de grondwetsherziening van 1848 werd gesteld dat de kracht van de Eerste Kamer niet moest worden gezocht in het goede dat zij zou stichten, maar in het feit dat zij het kwade kon voorkomen......
Image

Geschiedenis van de Eerste Kamer

De Eerste Kamer is in 1815 ontstaan. Aanvankelijk werden de leden benoemd door de koning. Sinds 1848 kiezen de leden van Provinciale Staten de Eerste-Kamerleden.
In 1917 werden de vereisten voor het lidmaatschap van Tweede en Eerste Kamer gelijk en in 1922 werd ook bij de Eerste-Kamerverkiezingen het stelsel van evenredige vertegenwoordiging ingevoerd.
De discussies over staatrechtelijke vernieuwing in de jaren zestig en zeventig leidden niet tot een wezenlijke verandering in de positie van de Eerste Kamer.
Alleen wordt vanaf 1983 de Eerste Kamer niet langer voor zes jaar (met vernieuwing van de helft om de drie jaar), maar voor vier jaar in haar geheel gekozen, waardoor zij soms een actueler beeld van de politieke voorkeur van de kiezers geeft dan de Tweede Kamer.

Wat doet de Eerste Kamer?

De taken van de Eerste Kamer liggen vooral op het gebied de wetgeving, maar ook bij het controleren van de regering heeft zij een rol.
Formeel beschouwd kan de Eerste Kamer wetsvoorstellen alleen verwerpen of aannemen. In de praktijk heeft ze echter nog wel wat meer mogelijkheden en zijn debatten van belang. Want uitspraken van bewindslieden in die debatten over een wetsvoorstel kunnen namelijk een rol spelen in toekomstige rechtszaken. Het debat in de Eerste Kamer maakt namelijk onderdeel uit van de wetsuitleg. Verder kunnen Eerste-Kamerleden de bewindslieden toezeggingen ontlokken over de toepassing van de wet.
Als de Eerste Kamer dreigt een wetsvoorstel te verwerpen, zal een minister of staatssecretaris (eventueel na kabinetsberaad) geneigd zijn de Kamer tegemoet te komen. Een bewindspersoon neemt soms zelf het initiatief het wetsvoorstel te repareren door een wijzigingsvoorstel in te dienen. Zo'n tweede wetsvoorstel heet een novelle.
Ten slotte komt het ook wel eens voor dat de Eerste Kamer zoveel kritiek op een wetsvoorstel heeft, dat de regering het niet meer op stemming laat aankomen en het voorstel maar intrekt.

Overigens zwicht de Eerste Kamer op haar beurt - na afweging van voors en tegens - wel eens voor de druk van de regering. Die kan namelijk dreigen af te treden indien de Eerste Kamer een wetsvoorstel zou verwerpen. Meestal neemt de Eerste Kamer het voorstel dan toch maar aan. Ook wil de Eerste Kamer geen onnodige spanningen veroorzaken tussen de beoordeling en afhandeling in beide Kamers.
De leden van de Eerste Kamer kunnen, net als de Tweede-Kamerleden, (schriftelijk) vragen stellen aan de regering.
Bij de behandeling van de begroting kan de Eerste Kamer met bewindslieden debatteren over het lopende en toekomstige beleid.


Waarin verschillen Eerste en Tweede Kamer?

Tweede-Kamerleden zijn fulltime beroepspolitici, terwijl Eerste-Kamerleden deeltijdpolitici zijn, die dikwijls nog andere functies bekleden. Zij krijgen een vergoeding die ongeveer een kwart bedraagt van die voor de Tweede-Kamerleden.
De Tweede Kamer houdt zich verder vooral bezig met de dagelijkse politiek, roept ministers ter verantwoording, doet uitspraken over nieuw beleid en behandelt wetsvoorstellen gedetailleerd.
De Eerste Kamer staat, ook al omdat de politieke fracties formeel niet aan een regeerakkoord zijn gebonden, verder af van de dagelijkse politiek. Zij houdt zich alleen bezig met de hoofdlijnen van beleid. Zij kan wat onafhankelijker opereren dan de Tweede Kamer.
Ten aanzien van de wetsvoorstellen heeft zij een heroverwegende functie. De Eerste Kamer heeft niet het recht om wetsvoorstellen te wijzigen (het recht van amendement). Zij stemt alleen over het voorliggende wetsvoorstel en kan dit uitsluitend aannemen of verwerpen.
Ook mondelinge beantwoording van vragen komt in de Eerste Kamer niet voor. Van het recht om schriftelijke vragen te stellen, maken de leden van de Eerste Kamer veel minder gebruik dan die van de Tweede Kamer.
Ten slotte heeft de Tweede Kamer - met name de laatste jaren - meerdere malen gebruik gemaakt van haar recht van enquête, terwijl de Eerste Kamer dat nog nimmer heeft gedaan.


Waarom zijn er twee kamers?

In 1815 werd met de komst van de Eerste Kamer het tweekamerstelsel ingevoerd. De Eerste Kamer bleef, ondanks de kritiek die soms op haar bestaan en functioneren werd uitgeoefend, daarna gehandhaafd.
In de loop der tijden raakten steeds meer partijen overtuigd van het nut van een tweede instantie, die na de Tweede Kamer, wetsvoorstellen, uitgaande van eigen criteria, beoordeelt.
Het wetgevende proces kan namelijk vrij langdurig zijn. Soms kost het wel vijf of zes jaar voor een wetsvoorstel wet is geworden. Regering en Tweede Kamer wijzigen in de loop van dat proces vaak de tekst van een wetsvoorstel.
Daarbij moet bedacht worden dat de Raad van State alleen advies uitbrengt over de tekst van het oorspronkelijke voorstel.
Verder kunnen tijdens de behandeling nieuwe inzichten naar voren komen. Dat alles maakt heroverweging nodig. Die heroverweging is vooral gericht op de vraag of het uiteindelijke voorstel kwalitatief wel goed genoeg is, of er geen strijdigheid is met Grondwet of internationale verdragen en of de rechten van de burgers niet onevenredig worden geschaad en of het geheel betaalbaar blijft.


Hoe is de Eerste Kamer ontstaan?

De Eerste Kamer bestaat al sinds 1815. In dat jaar werd zij ingesteld door koning Willem I. In 1815 werden Nederland en België verenigd en vooral de Belgen drongen aan op invoering van een tweekamerstelsel.
De Eerste Kamer diende in het begin van haar bestaan als bolwerk rond de Kroon (daarmee worden koning en ministers bedoeld). Zij kon alle voor de koning onwelgevallige wetsvoorstellen alsnog tegenhouden. Het ging daarbij vooral om initiatiefvoorstellen van de (toen ook indirect) gekozen Tweede Kamer.
De leden werden niet gekozen, maar waren vertrouwelingen van de koning, die door hem voor het leven werden benoemd.
Na de afscheiding van België in 1830 bleef de Eerste Kamer gehandhaafd. In 1848 veranderde er echter veel op staatkundig gebied door de invoering van een nieuwe Grondwet. Ook de positie van de Eerste Kamer en de eisen voor verkiesbaarheid wijzigden. De taak van de Eerste Kamer zou na 1848 geleidelijk meer op het gebied van de bewaking van de kwaliteit van de wetgeving komen te liggen; zij werd, als laatste beoordelende instantie in de wetgeving, een 'Kamer van heroverweging', een 'Chambre de reflection'.


Wat doen Eerste-Kamerleden?

De belangrijkste taak van Eerste-Kamerleden is het beoordelen van wetsvoorstellen. Om tot een goed oordeel te komen lezen zij officiële stukken, brieven, rapporten en kranten- en tijdschriftartikelen. Voorafgaand aan de behandeling van een wetsvoorstel worden soms honderden brieven aan de leden gestuurd.
Ook voeren Eerste-Kamerleden intern en extern overleg. Intern overleg vindt vooral plaats in de eigen fractie en in de commissies. In de commissies wordt onder meer de te volgen procedure besproken.
Extern overleg wordt gevoerd met organisaties en burgers. Soms worden bezoekers of delegaties ontvangen en in bijzondere gevallen kan een kamercommissie besluiten een hoorzitting te houden.
Eerste-Kamerleden mogen verder schriftelijke vragen aan de regering stellen over onderwerpen die niet direct met een wetsvoorstel te maken hebben. Van dit recht maken zij echter maar beperkt gebruik. Controle van het actuele regeringsbeleid is - zo wordt algemeen gevonden - in de eerste plaats een zaak van de Tweede Kamer.

Bovenstaande tekst is geheel ontleend van de volgende url:

http://www.dds.nl/~1ekamer/9202000/f/contact5.htm

Lees 503 keer Laatst aangepast op vrijdag, 28 oktober 2011 13:39
Log in om reacties te plaatsen